We maken gebruik van een digitaal leerlingvolgsysteem, waarmee we de ontwikkeling van de kinderen zo nauwkeurig mogelijk in kaart brengen. Via het Ouderportaal van ons administratieprogramma ParnasSys hebben ouders inzage in het leerlingvolgsysteem van hun kind. De bij het leerlingvolgsysteem behorende toetsen worden in de groepen 1 en 2 afgenomen op het gebied van taal en rekenen (Cito-toetsen) en in de groepen 3 tot en met 8 bij technisch lezen (Cito-toetsen), spelling (methodetoetsen en Cito-toetsen), begrijpend lezen (methodetoetsen en Cito-toetsen) en rekenen (methodetoetsen en Cito-toetsen).
In groep 8 wordt ook de jaarlijkse Cito-eindtoets gemaakt.
De resultaten van de methodetoetsen (de toetsen die bij de lesboeken horen) gebruiken wij om leerlingen tussentijds de hulp te bieden die zij nodig hebben om de door de lesmethode aangestuurde leerlijnen te kunnen blijven volgen.

Opbrengstgericht werken
De resultaten van de Cito-toetsen gebruiken wij om ons onderwijs te evalueren en, indien nodig, aan te passen. Hiertoe worden de resultaten halfjaarlijks geëvalueerd op zowel leerling- als groepsniveau. Dit heet Opbrengstgericht werken.

Handelingsgericht werken
De resultaten van de Cito-toetsen worden door de leerkracht besproken en geanalyseerd met de intern begeleider en de directie van de school. Met elkaar hebben we afgesproken welk niveau de individuele leerling en de groep tenminste moeten halen voor een volgende toets. Op basis van de toetsresultaten (Cito- en methodetoetsen) wordt de groep gesplitst in drie niveaugroepen (blauw, groen en rood), die allen de begeleiding ontvangen die past bij hun specifieke onderwijsbehoeften. Bij het indelen van de groepsniveaus wordt ook specifiek aandacht geschonken aan de specifieke leerlingkenmerken, de zogenaamde belemmerende en stimulerende factoren, die een rol spelen bij het volgen van onderwijs. Zo kan het zijn dat een leerling de Cito-toets rekenen op een hoog niveau maakt en in een lagere niveaugroep wordt ingedeeld omdat het voor hem van belang is om een uitgebreidere instructie te volgen dan een gelijk scorende klasgenoot.
De wijze waarop iedere groep de leerstof krijgt uitgelegd en op welke wijze de leerstof wordt verwerkt staat beschreven in een groepsplan. U vindt dit groepsplan in het Ouderportaal.
De groepsleerkracht heeft de verantwoordelijkheid voor de uitvoering van het groepsplan. Bij het technisch lezen worden er ook ouders ingezet. Deze worden geïnstrueerd door de remedial teacher.
Ook maken we gebruik van het digitale leerlingvolgsysteem ZIEN!, waarmee de sociale en emotionele ontwikkeling van de leerling in kaart wordt gebracht.

Ontwikkelingsperspectief en doubleren
Soms kunnen leerlingen de minimale gewenste ontwikkeling van hun groep niet volgen. Als dit blijkt kan de leerling vanaf groep 6 een eigen leerlijn volgen. Dit gebeurt pas als blijkt dat een kind een beneden gemiddelde intelligentie heeft en als het kind gedurende een langere periode intensief is begeleid.
De individuele leerlijn kan in de eigen groep gevolgd worden, maar ook is het mogelijk om het betreffende vak in een andere groep te volgen. De roostertijden in de bovenbouw zijn hiertoe op elkaar afgestemd. Voor deze leerlingen met een eigen leerlijn wordt een zogenaamd ontwikkelingsperspectief opgesteld dat halfjaarlijkse wordt geëvalueerd, bijgesteld en besproken met de ouders.
In een enkel geval, als zowel de verstandelijke- als de sociaal-emotionele ontwikkeling dit aangeven, wordt er in overleg met de ouders besloten om een kind een jaar in dezelfde groep te plaatsen. Voor deze leerlingen wordt er een aangepast programma opgesteld.