Proeven met je ogen en neus dichtIn de plusklas zitten we niet stil. Zo langzamerhand komen we steeds meer te weten over de blauwe vinvis. Enkele weken geleden leerden we dat hij slecht ziet, ruikt en proeft, maar dat hij heel goed kan horen en voelen. De kinderen ontdekten deze les welke zintuigen je hebt en waarvoor je ze gebruikt. In dichte dozen zaten verschillende soorten etenswaren. De kinderen moesten er achter zien te komen wat er in iedere doos zat. Ze mochten daarbij alle zintuigen gebruiken, behalve de ogen. Dit was best spannend. Zo maar met je handen ergens aan voelen zonder dat je weet wat het is, is best eng. Wat nou als het iets heel vies is? Of proeven? Straks krijg je iets in je mond wat je echt niet lust. Toch gingen alle kinderen er helemaal voor. Ze bleken allemaal over prima zintuigen te beschikken. Iedereen kon raden wat er in de bakjes zat zonder de ogen te gebruiken.
Afgelopen keer stond de grootte van de bek centraal. Die is zo groot dat er wel 50 mensen in passen. Maar wat is nou eigenlijk vijftig? En hoe kun je dit laten zien? Met blokjes en dopjes telden de kinderen precies 50 dopjes uit. Maar ja…dit vond de juf wel erg makkelijk. Nu moesten de kinderen de dopjes zo neerleggen dat iedereen in een oogopslag kon zien dat er 50 dopjes lagen. De verwachting was dat de kinderen netjes groepjes van 10 neer zouden leggen, maar niets was minder waar! Twee groepjes hadden grote moeite met het vinden van een oplossing, maar een groepje pakte het wel heel slim aan. Kijkt u maar eens op de foto’s of u deze geniale oplossing kunt ontdekken!


De wervels worden neergelegdIn de plusklas begonnen we dit keer met het trekken van een kaartje met daarop een filosofische vraag. Is een rijke zakenman gelukkiger dan een zwerver? Vrijwel alle kinderen waren hier van overtuigd. Een rijke zakenman had immers een groot huis en veel spullen en een lekker bed. Een van de kinderen vond het voor een zwerver maar gevaarlijk om op straat te moeten slapen. Hij zou zomaar door een auto overreden kunnen worden! Tien minuten later, we waren inmiddels alweer over iets anders aan het praten, kwam het betreffende kind er toch nog even op terug. Hij had ondertussen een oplossing bedacht voor het slaapprobleem op straat. De zwerver moest gewoon een parkeerplaats met een groot wit kruis erop opzoeken. Daar zou hij dan kunnen slapen. Daar mogen auto’s immers niet parkeren en kon de zwerver daar dus lekker veilig slapen!
Dat deze leerling wel goed is in het bedenken van creatieve oplossingen liet hij vervolgens blijken toen ik vroeg wie er nou gelukkiger zou zijn: de zwerver met heel veel vrienden op straat of de zakenman die alleen maar werkt en daardoor geen vrouw en vrienden heeft? Ach…die zakenman kon best een weekje vrij nemen en in die week een vrouw zoeken. Dan kon hij in dezelfde week nog gaan trouwen. Probleem opgelost! Toch weer gelukkiger dan die zwerver!
Natuurlijk werkten we ook weer aan het project over de blauwe vinvis. Dit keer hadden we het over het skelet. Er werden een aantal genummerde wervels op de grond gelegd. De leerlingen pakten er allemaal een paar en probeerden om de beurt een wervel op ongeveer de goede plaats te leggen. Dit viel nog niet mee. Aan de ene kant van de rij lag de 11, aan de andere kant de 25. Waar moet de 17 dan liggen? Iedereen had zo zijn eigen strategie om de juiste plaats te bepalen. Met een beetje hulp van elkaar lagen de wervels uiteindelijk in de juiste volgorde. We telden nog even met sprongen van twee (sommigen konden dit wel tot 100) en toen was het helaas alweer tijd.

Druk met het maken van een mooie kleurenstaafEen blauwe vinvis is een zoogdier en wel 30 meter lang. Dat hadden we al eerder geleerd in de plusklas. De afgelopen keren leerden we er weer nieuwe weetjes bij. Bij de naam ‘blauwe vinvis’ zou je verwachten dat dit enorme zoogdier blauw zou zijn, maar schijn bedriegt. De blauwe vinvis lijkt onder water blauw te zijn, maar in werkelijkheid blijkt hij grijs te zijn. Zijn huid bestaat uit wel vijftig verschillende tinten grijs. Hiermee gingen we aan de slag. De kinderen kregen allemaal twee kloddertjes verf, een beetje zwart en een beetje wit. Hiermee probeerden zij een kleurenstaaf te maken van lichtgrijs naar donkergrijs. Ook verfden ze een blauwe vinvis in zo veel mogelijk verschillende tinten grijs.
De vlekken op zijn huid zijn uniek. Om de kinderen duidelijk te maken wat dat inhield maakten we vingerafdrukken. Die zijn immers ook uniek.
Deze week leerden we meer over het gewicht van de blauwe vinvis. 150.000 Kilo kan een volwassen blauwe vinvis wel worden. Dat zijn wel 150.000 zakken paaseitjes! Om een idee te krijgen van gewichten had de juf haar voorraadkast geplunderd. Ze vroeg zich af welk artikel nou het lichtste was en welke het zwaarst. Met behulp van een balans werd alles op volgorde gelegd van licht naar zwaar. Dit bleek nog een behoorlijk pittige klus te zijn. Met een keukenweegschaal controleerden we vervolgens of we het goed gedaan hadden.
Maar de juf had ook nog een personenweegschaal meegenomen. Een baby blauwe vinvis is al zo’n 180 kilo als hij geboren wordt. Dat zijn wel 180 zakken paaseitjes! En dat terwijl een mensenbaby slechts 3 of 4 zakken paaseitjes weegt bij de geboorte! Maar hoeveel wogen de kinderen nu? En wogen ze samen net zo veel als een baby blauwe vinvis? We besloten alle kinderen te wegen en alles bij elkaar op te tellen. Het bleek dat ze met zijn zessen nog lang niet het gewicht bereikten! Een van de kinderen bedacht dat we misschien wel aan het gewicht zouden komen als we het gewicht van de juf er ook bij op zouden tellen. Hmmm…dan zouden we er vast overheen gaan! De juf hield haar gewicht lekker voor zichzelf…

Hoe groot is dat nu eigenlijk?Vorige keer leerden we in de plusklas al iets over de blauwe vinvis. Zo weten we nu dat deze blauwe vinvis een enorm groot zoogdier is. Ook spraken we over allerlei andere dieren. Dachten de kinderen vorige keer nog dat een kameel eieren legt, deze keer hebben we het op internet opgezocht en kwamen de kinderen er achter dat een kameel toch echt geen eieren legt.
Dit keer leerden we over de grootte van de blauwe vinvis. In het boek lazen we dat hij wel 30 meter lang kon worden. Maar hoe lang is dat nou echt? Gewapend met meetlatten, bollen wol en pilonnen vertrokken we naar buiten. Het was even puzzelen hoe je nu eigenlijk 30 meter af moet meten, maar uiteindelijk lukte het ieder groepje. Op deze manier zagen de kinderen hoe groot de blauwe vinvis echt is. En dat bleek echt enorm!

Opdrachten maken over de blauwe vinvisDeze week zijn we in de plusklas begonnen aan een project over de blauwe vinvis. Door het lezen van het gelijknamige prentenboek en het doen van allerlei opdrachten hierbij leren de kinderen alles over deze enorme vis. Zo zijn we vandaag te weten gekomen dat deze vis in de oceaan leeft en dat het een zoogdier is. De kinderen leerden dat een zoogdier geen eieren legt, maar dat de baby rechtstreeks uit de buik van de moeder komt. Ook drinkt de baby melk bij de moeder. Groot was de verbazing dat de mens ook een zoogdier is! Wij zijn toch geen dieren?
Plaatjes van diverse dieren leverde een leuke discussie op. Is een slang nou een zoogdier of niet? Een slang is lang en dun, daar past toch geen baby in? Maar een ei in die buik kon ook niet. Dat ei zou breken als de slang zich om een tak heen zou wikkelen. En legt een kameel echt eieren? We besloten om op internet te zoeken naar de dieren waar we over twijfelden. Helaas werkte de computer niet mee en redden we het qua tijd niet. Volgende keer gaan we het zeker opzoeken.

Proberen een kerstboom te makenNet voor de kerstvakantie stond het thema ‘kerst’ uiteraard centraal in de plusklas. De kinderen mochten de hersenen flink laten kraken. Ze moesten van lego of duplo een driedimensionale kerstboom maken waarbij de ‘takken’ van onderen langer waren dan van boven. De opdracht bleek behoorlijk moeilijk, maar uiteindelijk lukte het vrijwel iederen om een goede kerstboom te bouwen.
Ook kregen de kinderen de opdracht een ster te tekenen zonder het potlood van het papier te halen. Vele sterren werden getekend, maar niet een ster voldeed aan de eisen en slechts een enkele ster leek op het voorbeeld. Aan het eind van de plusklas kregen de kinderen het stappenplan om de ster te tekenen daarom mee naar huis. Zo kunnen ze thuis nog even oefenen en daarna hun ouders uitdagen tot een ‘wedstrijdje sterren tekenen’. Wedden dat de kinderen winnen?

Een echte pepernotentorenNatuurlijk stonden de activiteiten in de plusklas de afgelopen twee keer in het kader van Sinterklaas. Twee weken geleden kregen de kinderen een behoorlijk moeilijke opdracht: maak een verlanglijstje van plaatjes uit het speelgoedboek op alfabetische volgorde. Met deze opdracht werd aan verschillende doelen gewerkt. De kinderen moesten een goede werkstrategie toepassen en moesten doorzettingsvermogen tonen om de opdracht tot een goed eind te brengen. Wat doe je bijvoorbeeld als je geen plaatje kan vinden bij een bepaalde letter? Blijf je dan alsmaar zoeken of kun je beter eerst op zoek gaan naar de volgende letter? En wat als je het alfabet helemaal niet kent? Hoe los je dat dan op? Na het plusklasuur was de opdracht nog lang niet af en kregen de kinderen de opdracht mee om het in de klas af te maken. Na twee weken namen de kinderen de verlanglijstjes weer mee naar de plusklas. Het was prachtig om te zien hoe hard de kinderen eraan gewerkt hadden en dat ze bovendien konden benoemen aan welke leerdoelen ze gewerkt hadden!
Deze week kregen de kinderen twee opdrachten waarbij het creatief denkvermogen flink aan het werk werd gezet. We begonnen met het maken van een zo’n hoog mogelijke pepernotentoren. Niet een van de kinderen begon loodrecht omhoog te bouwen. Ze zagen allemaal in dat dat niet stevig genoeg zou zijn. Lasse was de eerste die een driehoek neerlegde en op die manier de toren steeds hoger maakte tot hij een piramide had staan. De rest keek er vol verbazing naar. Het was voor sommigen nog best lastig om dit bouwwerk na te maken.
Natuurlijk werden er tussendoor wat pepernoten gesnoept voordat we aan de volgende opdracht begonnen. Nu moesten de kinderen met slechts wat blokjes, klei en ijslolliestokjes een brug bouwen. De brug moest aan twee voorwaarden voldoen: de stoomboot moest er onder door kunnen én Zwarte Piet moest erop kunnen staan. Het viel niet mee, maar uiteindelijk lukte het een paar kinderen toch om een smalle brug te maken.
Na afloop mochten de kinderen de pepernoten meenemen naar huis. Daarmee sloten we de sinterklaasperiode in de plusklas af. Volgende keer werken we aan een opdracht in kerstsfeer.

Zal het hetzelfde eruit gaan zien?In de plusklas werkten we vandaag aan het luisteren naar elkaar en het respecteren van elkaars mening. Veel kinderen vinden het namelijk erg lastig om hun eigen ideeën los te laten. We startten met een simpele opdracht. Er werd in tweetallen gewerkt. Beide kinderen kregen dezelfde kleurplaat met daarop zeven figuren. Tussen de kinderen kwam een schot te staan, zodat ze niet bij elkaar konden kijken. De eerste opdracht bleek al lastig te zijn: “haal allebei zeven verschillende gekleurde potloden. Jullie moeten uiteraard wel allebei dezelfde kleuren pakken!” Het niet goed overleggen leidde er toe dat de meeste tweetallen regelmatig terug moesten om te zorgen dat ze allebei dezelfde kleuren op tafel hadden liggen. Als dit dan eenmaal goed gelukt was konden ze aan de volgende opdracht beginnen. Een van de kinderen noemde een vorm op de kleurplaat en vertelde in welke kleur deze vorm gekleurd moest worden. Precies vertellen waar de vorm stond op de plaat en of hij groot of klein was, maar ook het goed luisteren naar degene die de opdracht gaf, was leidend voor het uiteindelijke resultaat. Als alles ingekleurd was mocht het schot weggehaald worden. Waren de tekeningen precies hetzelfde?
Vervolgens pakten beide kinderen ieder zes verschillende voorwerpen uit de bouwhoek. Maar ook hierbij was goed overleg weer belangrijk, want beide kinderen moesten wel weer dezelfde voorwerpen hebben. Nu gaven de kinderen elkaar de opdracht de voorwerpen op een bepaalde plaats op een gekleurd vel te zetten. Deze opdracht bleek behoorlijk moeilijk te zijn, want links en rechts wordt al snel verward. En alleen ‘zet de giraffe onderaan’ kan betekenen dat het dier in een hoek maar ook in het midden onderaan kan komen te staan. Om er toch voor te zorgen dat de opdracht tot een goed einde werd volbracht, werd er door sommige tweetallen behoorlijk ‘gesmokkeld’. Zo zagen we tijdens het uitvoeren van de opdracht dat de voorwerpen duidelijk niet op dezelfde plekken stonden, maar werd er even later toch vol trots een perfect eindresultaat geshowd! De juf heeft maar even een oogje toegeknepen. Ze hadden het immers goed verbeterd…

Hoe maak je nu een boom?Op woensdag 9 september is de onderbouwplusklas weer van start gegaan. De groep was behoorlijk veranderd. Sommige kinderen zijn doorgestroomd naar de middenbouwplusklas en er kwamen twee nieuwe kinderen bij. Nadat we eerst kennisgemaakt hebben met elkaar zijn we aan het werk gegaan. Vandaag gingen we aan de slag met het durven geven van je eigen mening door te filosoferen. Het ging dit keer over het verschil tussen grote mensen en kleine kinderen. De kinderen bedachten o.a. allemaal iets wat zij beter kunnen dan een volwassene. Een van de kinderen riep heel stoer dat zij harder kon rennen dan grote mensen. Dat moest natuurlijk uitgetest worden, want daar was de juf het niet mee eens. Maar na 2 wedstrijdjes werd het toch pijnlijk duidelijk dat dit kleine meisje toch echt harder rende dan haar juf…
Vervolgens kregen de kinderen de opdracht te ‘tekenen’ met satéprikkers. Met 10 stokjes moesten ze proberen een afbeelding van een huis te maken. Dit lukte razendsnel. De volgende opdracht werd een stuk lastiger: “Juf, ik kan geen zon maken! Ik heb geen ronde stokjes!” En daar ging het nou juist om dit keer: niet alles hoeft perfect te zijn om te kunnen zien wat het is. Dit werd nog eens bevestigd toen Fenne (de cesartherapeut) toevallig even binnenkwam en moest raden wat de kinderen in tweetallen hadden gemaakt. Gelukkig raadde zij meteen dat het een boom voorstelde. Grote opluchting bij juf Nicolette, die er toch een beetje voor vreesde dat Fenne het niet zou raden… Geen kind die dan ooit nog iets zou durven te tekenen wat niet perfect is!
Voor je eigen mening op durven te komen, omgaan met perfectionisme én samenwerken, allemaal doelen die in deze eerste bijeenkomst aan bod zijn gekomen. We gaan er weer een leerzaam jaar van maken, waarin we aan deze, maar nog vele andere leerdoelen gaan werken.